De Belastingdienst denkt met je mee, zelfs als jij denkt van niet

Belastingdienst scheldt 80% van de belastingschulden kwijt

Onlangs werd bekend dat Audax, eigenaar van Bruna en uitgever van verschillende tijdschriften, werd ontlast van meer dan 80% van zijn schulden omdat de Belastingdienst en het UWV deze hadden kwijtgescholden.

Voor veel ondernemers voelde de kwijtschelding van meer dan 30 miljoen euro aan schulden als een klap in het gezicht. Zeker als je als hard zwoegende MKB’er er jaren alles aan hebt gedaan om aan al je verplichtingen te voldoen, dan voelt het extra zuur wanneer een groot concern zich ‘zomaar’ van deze schulden kan ontdoen. Veel kleine ondernemers weten niet wat mogelijk is en als ze het al proberen krijgen ze nul op de rekest.

Is hier sprake van een voorkeursbehandeling voor grote bedrijven? En moet de kleine ondernemer met schulden slechts het hoofd buigen en vrezen dat faillissement de enige uitweg is uit het schuldenmoeras?

Ondernemers aan de long covid

Niet alleen Audax, maar ook duizenden andere grote en kleine bedrijven kwamen door de coronacrisis in financieel zwaar weer terecht. Veel ondernemers vroegen uitstel van belastingbetaling aan, maakten gebruik van de NOW-regeling om personeel te kunnen blijven betalen, of klampten zich vast aan overbruggingskredieten. Die maatregelen waren bedoeld als tijdelijk vangnet, maar een grote groep ondernemers wordt nog dagelijks met de gevolgen geconfronteerd.

De belastingschuld moet uiterlijk oktober 2027 volledig zijn afgelost, hetgeen voor veel ondernemers simpelweg niet haalbaar is. De bedrijven die er wel in slagen om de belastingschuld terug te betalen blijven veelal achter met een uitgehold eigen vermogen en een onderneming waarin de afgelopen jaren geen vervangingsinvesteringen hebben plaats gevonden.

Wanhoop nabij

Daarnaast is het speelveld er voor de ondernemers de afgelopen jaren alleen maar complexer op geworden. Ondernemers werden immers geconfronteerd met stijgende loonkosten, personeelstekorten, inflatie, hogere energieprijzen en een consument die voorzichtiger is geworden, dit alles tegen een achtergrond van geopolitieke spanningen en handelsconflicten.

Het gebrek aan weerstandsvermogen laat zich dan ook voor veel bedrijven gelden. Veel ondernemers hebben simpelweg onvoldoende financiële ruimte om nieuwe tegenvallers op te vangen waardoor er  problematische schulden ontstaan. Dit heeft tot gevolg dat de liquiditeitsdruk toeneemt omdat naast de aflossingsverplichtingen dus ook de lopende verplichtingen onder druk komen te staan.

Ongeveer 10% van alle ondernemers (bron: RTLZ) ervaart problematische schulden. In de horecasector is de situatie ronduit alarmerend: maar liefst 20% van de ondernemers (bron: CBS) in deze sector heeft problematische schulden. Dat betekent dat één op de vijf horecabedrijven dagelijks moet puzzelen om überhaupt de deuren open te houden.

MKB is onwetend en grijpt niet in

Taboe en schaamte bij MKB ondernemers zorgen ervoor dat er niet of te laat wordt ingegrepen. Financiële problemen worden gezien als persoonlijk falen, als iets dat je zelf moet oplossen. Daardoor kan de schuldenlast verder etteren en wordt het probleem steeds lastiger op te lossen. RTL Z gaf aan dat maar liefst 75% van de ondernemers helemaal geen hulp zoekt wanneer de schulden oplopen. Deze ondernemers blijven worstelen, hopen op betere tijden of proberen met extra hard werken het probleem op te lossen. Het probleem wordt daardoor niet bij de kern gepakt en de oplossing blijft uit. De overige 25% van de ondernemers die wel steun zoeken doen dat voornamelijk in de eigen kring: vrienden, familie of bevriende ondernemers en laten overheid hulpinstanties en  overige professionele partijen links liggen.

Veel ondernemers missen hierdoor tijdige en kundige ondersteuning en verspelen daarmee de kans op het treffen van betalingsregelingen of een herstructurering. Pas wanneer de druk echt ondraaglijk wordt, komt een gemiddelde MKB onderneming pas in beweging. Vaak is de situatie dan vele malen verergerd en dienen zwaardere maatregelen ingezet te worden om het tij te keren.

Belastingdienst is er maar druk mee

Hoewel de Belastingdienst in veel gevallen bereid is om mee te denken, blijkt het voor MKB’ers vaak lastig om een kwijtscheldingsverzoek succesvol door te zetten. Dat ligt niet alleen aan de strikte voorwaarden van de Belastingdienst, maar ook aan de manier waarop ondernemers hun verzoek indienen. In de praktijk worden veel kwijtscheldingsaanvragen afgewezen omdat ze onvolledig zijn. Ondernemers leveren bijvoorbeeld geen volledig overzicht van hun schulden mee, onderbouwen hun voorstel onvoldoende, of vergeten belangrijke documenten zoals recente jaarcijfers of een actuele winst- en verliesrekening.

In veel gevallen is de administratie dus niet op orde en wordt een kwijtscheldingsverzoek onder de noemer “nooit geschoten is altijd mis” bij de Belastingdienst ingediend. Niet geheel onlogisch dus dat dit soort kwijtscheldingsverzoeken meestal leiden tot een afwijzing. Een ander groot struikelblok vormt het niet betalen van de lopende verplichtingen, zoals de meest recente btw- of loonheffingsbetalingen. Voor de Belastingdienst is dit een signaal dat het bedrijf niet levensvatbaar is en dat het risico dan heel groot is dat de ondernemer op korte termijn weer in de problemen komt.

Het aantonen van de levensvatbaarheid van het bedrijf is dan ook een belangrijke voorwaarde om een kwijtscheldingstraject succesvol te laten verlopen. Immers als een bedrijf niet levensvatbaar is dan heeft het bedrijf zelfs na kwijtschelding, geen duurzaam toekomstperspectief en is een sanering niet in het belang van de schatkist. In die gevallen wordt kwijtschelding gezien als uitstel van executie, en zal de fiscus geen akkoord geven voor een kwijtscheldingsverzoek.

Deze combinatie van niet kloppende administraties, incomplete kwijtscheldingsverzoeken, oplopende betalingsachterstanden en gebrek aan toekomstperspectief maakt dat veel MKB’ers vastlopen, niet omdat de Belastingdienst niet wíl meewerken, maar omdat het voorstel simpelweg niet voldoet aan de voorwaarden die nodig zijn voor een succesvolle schuldsanering.

Pak een schuld bij de wortels aan

De casussen van Rick Moorman en Benji’s laten zien dat kwijtschelding niet alleen is voorbehouden aan grote ondernemingen. Ook kleine en middelgrote ondernemers kunnen met succes een sanering rondkrijgen mits zij tijdig in actie komen. Het begint bij het onderkennen van de realiteit: schulden lossen zich niet vanzelf op. Sterker nog dit vergroot het probleem en vermindert de kans op een succesvolle herstructurering. Hoe eerder je de problemen onder ogen ziet, hoe meer mogelijkheden er zijn om tot een werkbare oplossing te komen.

Schakel professionele hulp in om de slagingskans te vergoten. Professionals die het kwijtscheldingsproces en de eisen van de Belastingdienst kennen en die weten hoe een levensvatbaarheidsonderzoek eruit moet zien. Met de juiste begeleiding blijkt sanering in veel gevallen niet alleen mogelijk, maar ook de snelste weg naar een nieuwe start waarbij er weer ruimte is voor groei en ondernemerschap.

Door:
Ritchie van der Mark
expert op het gebied van levensvatbaarheid

Wil je de inhoud van dit bericht delen? Dat kan: